Jeugdbeschermingsplein voor jongeren

Thuis is voor iedereen belangrijk, ook voor jou. Jij moet er goed en veilig kunnen opgroeien. Wanneer dit niet vanzelf gaat, kan een hulpverlener jou en je ouder(s) proberen te helpen. Als het jullie met deze hulp niet lukt om te zorgen dat jij goed en veilig kunt opgroeien, dan kan de hulpverlener de zorgen bespreken bij het Jeugdbeschermingsplein (JB-plein).

Het Jeugdbeschermingsplein is een overleg waar een vaste kern van medewerkers van intensieve vrijwillige hulpverlening, de Raad voor de Kinderbescherming en de voorzitter van het JB-plein de zorgen over jou en je gezin met elkaar bespreken. Er wordt gekeken wat er moet gebeuren en besproken wie dat het beste samen met jou en je ouder(s) kan doen. Een voorzitter helpt de medewerkers om een onafhankelijk besluit te nemen dat in het belang is van jouw veiligheid en ontwikkeling.

Om te zorgen dat iedereen aan het Jeugdbeschermingsplein goed kan meedenken, vult de hulpverlener vooraf een meldingsformulier in. Op het meldingsformulier schrijft de hulpverlener welke zorgen er zijn en waarom het niet lukt om met de hulp ervoor te zorgen dat jij goed en veilig kunt opgroeien. De hulpverlener bespreekt dit met jou en ook met je ouder(s). De hulpverlener schrijft op het formulier wat jij en je ouder(s) ervan vinden.

  • Ben je tussen de 12 en 16 jaar? Dan kun je een telefoongesprek hebben met de voorzitter van het Jeugdbeschermingsplein. Je ouder(s) moet(en) dat goed vinden.
  • Ben je 16 jaar of ouder? Dan mag je zelf beslissen of je bij het gesprek van je ouders bij het Jeugdbeschermingsplein wilt zijn.

Met de voorzitter van het Jeugdbeschermingsplein kun jij vooraf bespreken wat er goed gaat. Maar ook wat de zorgen zijn en wat er moet verbeteren bij jullie thuis. Daarbij is jouw mening belangrijk! Het gesprek duurt ongeveer een half uur.

Na het overleg krijgen ouders en melder een e-mail met in de bijlage de opdrachtverstrekking. Hierin leest u de uitleg over de vervolgaanpak. Er zijn twee mogelijkheden:

  1. Hulpverlening wordt ingezet of voortgezet

    Aan de hulpverlener wordt gevraagd door te gaan met de
    hulpverlening. Als er nog geen hulpverlening is, kan deze gestart
    worden.

    2.Plan voor Intensieve Vrijwillige Hulp, met of zonder onderzoek door de Raad voor de Kinderbescherming

    Bij intensieve vrijwillige hulp komt er een medewerker vanuit het team
    Regie Maatschappelijke Ondersteuning (RMO) bij u langs om
    afspraken te maken over een plan van aanpak. Als de Raad voor de
    Kinderbescherming tegelijkertijd een onderzoek start, gebeurt dit omdat
    de zorgen over uw kind of uw gezin groot zijn. De uitkomst van dit
    onderzoek kan zijn dat de Raad voor de Kinderbescherming een
    zogenoemde kinderbeschermingsmaatregel nodig vindt. De
    kinderrechter beslist hierover en wanneer hij/zij dit ook nodig vindt, is
    de hulpverlening niet langer vrijwillig.

Na het gesprek dat jij met de voorzitter van het Jeugdbeschermingsplein hebt, hebben ook je ouders een gesprek bij het JB-plein. De voorzitter houdt tijdens dat gesprek rekening met jouw mening en ideeën.

Na het gesprek met je ouders nemen we met elkaar een besluit of de Raad voor de Kinderbescherming een onderzoek moet gaan doen. Of dat we misschien toch nog goede afspraken kunnen maken om mee te werken aan de hulp die we met elkaar nodig vinden. Aan deze afspraken moet iedereen zich dan ook echt gaan houden.

Misschien heb je na het lezen van deze informatie nog vragen. Dan kan je contact opnemen met je hulpverlener die met jou heeft gesproken over de melding bij het JB-plein.